Wet versterking regie volkshuisvesting: mooi op papier, maar voelen huurders het straks ook in hun portemonnee?
- Thea de Feijter
- 10 jul
- 4 minuten om te lezen
Blog van De Nieuwe Wind
De woningnood staat al jaren hoog op de politieke agenda. Met de nieuwe Wet versterking regie volkshuisvesting, die op 1 juli 2026 in werking is getreden, beoogt de overheid weer meer grip te krijgen op de huurwoningmarkt. Nederland moet meer woningen realiseren, procedures moeten sneller verlopen en overheden krijgen meer regie over hoeveel woningen verrijzen, waar dat gebeurt en voor wie. Daarbij is afgesproken dat twee derde van de nieuw te bouwen woningen betaalbaar moet zijn voor huishoudens met een laag of middeninkomen en dat een belangrijk deel uit sociale huur moet bestaan.
Dat klinkt positief. Toch kijken huurdersorganisaties vaak anders naar de woningmarkt dan beleidsmakers. Voor veel huurders is de grootste vraag niet óf er meer woningen komen, maar of zij straks nog betaalbaar kunnen wonen.
Betaalbaarheid wordt steeds meer een zorg
Steeds meer huurders ervaren dat de woonlasten een steeds groter deel van hun inkomen opslokken. Huren stijgen, de prijzen van boodschappen gaan omhoog en ook andere vaste lasten nemen toe.
Voor huishoudens met een bescheiden inkomen is de rek eruit. Zij voelen iedere prijsstijging direct in hun portemonnee. Betaalbaar wonen is voor hen geen beleidsdoelstelling, maar een dagelijkse realiteit.
Daar komt nog iets bij. Ook op het gebied van verduurzaming leven er zorgen. Veel woningcorporaties hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in zonnepanelen op huurwoningen. Huurders betalen hiervoor vaak via de huur of een vergoeding voor de aangebrachte voorziening. De verwachting was dat deze investering zou bijdragen aan lagere energielasten. Door het afbouwen en beëindigen van de salderingsregeling neemt dat voordeel echter af.
Huurders begrijpen dat de regels rondom energie veranderen, maar ervaren het soms als oneerlijk dat zij wel betalen voor de zonnepanelen op hun woning, terwijl het financiële voordeel afneemt. Dat gevoel verdient aandacht in het gesprek over betaalbaar wonen. Zeker voor huishoudens met een bescheiden inkomen kan dit bijdragen aan het gevoel dat wonen steeds duurder wordt, ondanks de verduurzamingsmaatregelen die juist bedoeld zijn om de woonlasten te verlagen. Dat zorgt voor onrust.

Meer bouwen alleen is niet voldoende
Laat één ding duidelijk zijn: Nederland heeft meer woningen nodig. Woningzoekenden wachten vaak jarenlang op een passende huurwoning. Jongeren blijven noodgedwongen langer thuis wonen, starters vinden moeilijk een betaalbare woning en ouderen kunnen niet altijd doorstromen naar een geschikte woning. Daarom is het van groot belang dat gemeenten, corporaties en ontwikkelaars tempo maken en nieuwe woningen realiseren.
De Wet versterking regie volkshuisvesting kan daarbij helpen. Meer regie vanuit de overheid biedt kansen om woningbouwprojecten sneller van de grond te krijgen en meer betaalbare woningen aan de voorraad toe te voegen. In de praktijk horen we dat huurdersorganisaties deze ontwikkeling toejuichen.
Tegelijkertijd lost woningbouw alleen niet alle problemen op. Voor veel huurders speelt niet alleen de vraag of er voldoende woningen beschikbaar komen, maar ook of zij hun huidige woning kunnen blijven betalen.
Huurders vragen zich af:
* Kan ik de huur volgend jaar nog betalen?
* Hoe ontwikkelen mijn energielasten zich?
* Wat gebeurt er met de servicekosten?
* Houd ik voldoende geld over voor andere noodzakelijke uitgaven?
De discussie over volkshuisvesting verdient daarom een bredere blik. Naast nieuwbouw vraagt ook de betaalbaarheid van bestaande woningen aandacht. Huurders hebben immers weinig aan extra woningen als hun eigen woonlasten steeds verder oplopen.
Huurdersorganisaties: wacht niet af
Juist daarom ligt er een belangrijke taak voor huurdersorganisaties.
Na de zomervakantie starten bij veel woningcorporaties de gesprekken over de begroting voor 2027. In die begrotingen worden ook de eerste uitgangspunten voor toekomstige huurverhogingen en investeringen vastgelegd.
Voor huurdersorganisaties is dit hét moment om proactief te zijn.
Wacht niet totdat er een formeel huurvoorstel op tafel ligt. Dan zijn belangrijke keuzes vaak al gemaakt. Zoek juist vroegtijdig het goede gesprek met de directeur-bestuurder en vraag naar de financiële uitgangspunten, de investeringsplannen en de verwachtingen rondom de huurontwikkeling voor 2027.
Stel daarbij vragen als:
* Welke ruimte ziet de corporatie voor huurverhogingen?
* Hoe wordt rekening gehouden met huurders met een laag inkomen?
* Welke maatregelen worden genomen om woonlasten betaalbaar te houden?
* Hoe wordt omgegaan met de gevolgen van het afbouwen van de salderingsregeling?
* Welke investeringen worden gedaan in energiebesparing en verduurzaming?
Door vroeg aan tafel te zitten, kan het bestuur van een huurdersorganisatie daadwerkelijk invloed uitoefenen. Achteraf reageren is belangrijk, maar vooraf meedenken is vaak effectiever.
De stem van huurders is harder nodig dan ooit
De Wet versterking regie volkshuisvesting biedt nieuwe kansen voor de volkshuisvesting. Uiteindelijk telt niet alleen hoeveel woningen Nederland realiseert, maar ook of mensen betaalbaar kunnen wonen.
Het echte succes zit in de combinatie van voldoende woningen én betaalbare woonlasten. Pas dan merken huurders het verschil in hun dagelijks leven.
Dat vraagt om meer dan bouwproductie alleen. Het vraagt om aandacht voor huurprijzen, energielasten, verduurzaming, inkomensontwikkeling en de dagelijkse werkelijkheid van huurders.
Onze oproep aan huurdersorganisaties is daarom simpel:
Wees zichtbaar, wees betrokken en wees op tijd.
De gesprekken over 2027 beginnen binnenkort. Zorg dat u aan tafel zit voordat de keuzes worden gemaakt. Juist nu hebben huurders een sterke en goed voorbereide belangenbehartiger nodig.
Want volkshuisvesting gaat niet alleen over woningen.
Het gaat over mensen. En over de zekerheid dat ook huishoudens met een bescheiden inkomen een betaalbaar thuis behouden.





Opmerkingen